Rechtspraak: antislipschoenen voor schoonmaker

juli 22, 2013 in Rechtspraak

rechtbank - foto duic.nlJansen werkt sinds 2 januari 2001 als assistent-schoonmaker bij een schoonmaakbedrijf. Bij schoonmaakwerk op een school op 21 januari 2001 is hij gevallen. Volgens Jansen gebeurde dit, doordat hij uitgleed toen hij met de schrobmachine aan het werk was op de vloer die kort daarvoor door een collega was ingesopt. De werkgever heeft echter een andere lezing.

Volgens de werkgever zou Jansen zijn gevallen omdat hij achteruit lopend een duidelijk zichtbaar afstapje niet zag en daardoor zijn evenwicht verloor. Jansen loopt polsletsel op, maar gaat enkele dagen later weer aan het werk. In september 2005 krijgt hij plotseling ernstige pijnklachten aan zijn pols. De huisarts verwijst hem naar het ziekenhuis waar hij eerder is behandeld. Jansen is sindsdien arbeidsongeschikt en stelt in februari 2006 zijn werkgever aansprakelijk voor de schade. De kantonrechter wijst dit af en Jansen gaat in beroep.

Oordeel gerechtshof
Het hof vindt dat Jansen voldoende heeft aangetoond, dat de schade het gevolg is van het ongeval tijdens zijn werk. Daarmee is werkgever op grond van artikel 7:658, tweede lid BW, aansprakelijk voor de schade tenzij hij aantoont dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan of dat de schade vooral het gevolg is van opzet of bewuste roekloosheid van de werknemer. Op basis van de stukken en de getuigenverklaringen gaat het hof uit van de lezing van Jansen, namelijk dat die zijn evenwicht verloor toen hij met de schrobmachine werkte op een gladde vloer. Vervolgens gaat het hof na of de werkgever aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Volgens het hof had de werkgever wel enige instructie mogen geven nu het de eerste keer was dat Jansen (bij deze werkgever) deze schrobmachine moest bedienen. Ook had de werkgever het schoeisel, dat voor dit soort werk beschikbaar was (anti-slipschoenen of Zweedse klompen) zelf moeten aanbieden.

De conclusie is dat de gladheid van de vloer in combinatie met het niet aanbieden van antislip-schoenen en het gebrek aan instructies in relevante mate hebben bijgedragen aan de toedracht van het ongeval. Daarmee is de werkgever zijn zorgplicht niet nagekomen en aansprakelijk voor de schade. Er is geen sprake van opzet of bewuste roekeloosheid van de kant van Jansen.

Let op!
Om hard te maken dat een werkgever aan zijn zorgplicht heeft voldaan, moet hij ten minste aantonen dat de risico’s zijn geïnventariseerd, de nodige maatregelen zijn genomen, de juiste middelen zijn verstrekt, de nodige voorlichting is gegeven en ook voldoende de toezicht is gehouden.

Gerechtshof Amsterdam, 23 april 2013, LJN: CA1764

Rob Poort (
www.bureaupoort.nl), juridisch advies en arbeidsomstandigheden

 

Delen