FNV: schoonmakersactie op 2 april bij overheid in Den Haag

april 2, 2014 in Schoonmaakcao

Den HaagDe schoonmakers van overheidsgebouwen uit het hele land leggen op 2 april het werk neer en gaan naar Den Haag. Daar vragen ze Tweede Kamerleden hoe het staat met de plannen van de overheid om schoonmakers weer zelf in dienst te nemen.

Schoonmakers voeren al bijna zes maanden actie. Ze willen een professionele schoonmaaksector, maar de schoonmaakbazen doen daar niks aan. De schoonmakers van de overheid zijn het nu beu. Ze willen een normale werkgever die hen respectvol behandelt. Schoonmaakbedrijven zijn dat niet. Ze gaan daarom aan hun opdrachtgever vragen hoe het staat met het plan om schoonmakers weer in overheidsdienst te nemen.

Wachtdagen, wachtgeld
“Wat wij willen zijn gewone dingen als doorbetaald worden bij ziekte en genoeg loon om ons gezin te onderhouden,” zegt Geeta Gajadhar, schoonmaker bij de Tweede Kamer. “Ambtenaren hebben die dingen wel. Wij werken in dezelfde gebouwen en kantoren, waarom worden we niet hetzelfde behandeld?” Dat geldt ook voor de Kamerleden, vindt Geeta: “Zij worden niet gestraft als ze ziek zijn. Zij hebben geen wachtdagen. Ze worden doorbetaald. Ze hebben zelfs wachtgeld: ze krijgen nog doorbetaald als ze geen kamerlid meer zijn.”

De schoonmakers eisen dat het straffen van zieke schoonmakers van tafel gaat. De schoonmaakbedrijven betalen de eerste 2 ziektedagen niet door. Die zogenaamde wachtdagen waren ook tijdens de 16-weken durende staking in 2012 een belangrijk onderwerp van discussie. Destijds werd als compromis een onafhankelijk onderzoek afgesproken. Dat onderzoek kwam er en nam maar liefst negen maanden in beslag. De resultaten zijn glashelder: strafkortingen helpen niet bij het verlagen van het aantal ziekmeldingen. Toch willen de schoonmaakbazen vasthouden aan strafkortingen voor kort- of langdurig zieken.

Naar maatstaven van het CBS zit bovendien 69 procent van de schoonmakers in de armoede. Zelfs schoonmakers met een fulltimebaan in de schoonmaak kunnen hun gezin niet tot nauwelijks onderhouden. De schoonmakers willen een loonsverhoging van 50 cent bruto per uur. De schoonmaakbedrijven bieden ondanks vijf maanden onderhandelen voorlopig helemaal niets.

Start-stop-staking
Schoonmakers voeren actie met start-stop-stakingen: ze gaan staken, maar kunnen ook ieder moment weer aan de slag gaan. Dat doen ze om de massale inzet van stakingsbrekers, zoals gedurende lange schoonmakersstaking van 2012, te voorkomen. Stakende schoonmakers gaan nu onmiddellijk weer aan het werk gaan, als uitzendkrachten worden ingezet. Die tactiek werd al succesvol toegepast door de actievoerende schoonmakers van Schiphol, GVB, NS en sinds 1 april van Hogeschool Rotterdam. Het schoonmaakbedrijf voelt de actie daardoor extra in de portemonnee: het moet zowel de schoonmakers als de uitzendkrachten betalen.

Delen