Blog: Macht en perverse prikkels

november 13, 2017 in Blogs & vlogs

Gerard Spoor - FQSDe titel doet wellicht vermoeden dat ik weer ongenuanceerd ben. Welnu, in dit geval ben ik dat ook, omdat het schijnbaar gewoonweg niet anders kan. Ik zal u het probleem, een echte oplossing en de uiteindelijk gekozen schijnoplossing voor een heel ernstig probleem hier schetsen. Hierbij aangetekend dat ik me bewust ben van het feit, dat ik weer enkele mensen tegen de schenen schop.  Om daadwerkelijk iets te veranderen, is dat blijkbaar nodig. Wellicht frappant is dat het mij als opleider natuurlijk helemaal niet meer raakt, maar ik wil dat ‘mijn branche’ waar ik heel mijn leven de boterham verdien en waar mijn hart ligt, verandert. En het gaat om een bekend, dringend probleem dat nog aangepakt dient te worden.

Laat ik voor op stellen dat ik de Codecommissie een heel warm hart toedraag, zelf ondertekenaar van het eerste uur benen de eerste opleider ben die getekend heeft. Ik heb veel respect voor de inzet en motivatie van de leden in hun mooie en nodige nobele strijd. De tijd die Kees en zijn team in de Code stoppen, is lovenswaardig. Maar in dit geval slaat mijns inziens de subcommissie de plank volledig mis. Ook dat mag natuurlijk gezegd worden, naast alle positieve uitingen.

Het probleem
De intermediairs in onze branche, lid of geen lid van VESA, hebben in onze branche een machtspositie. Zij gunnen – lees: adviseren om te gunnen – de omzet van de grotere aanbestedingen aan een van de schoonmaakbedrijven. Daar is op zich niets mis mee. Als een gebrek aan kennis is bij de opdrachtgever en dat door de intermediair opgevuld kan worden, is daar niets mis mee en zou alleen maar positief kunnen zijn.

Ware het niet dat bij nagenoeg iedere gunning ook vastgelegd wordt, dat de kwaliteitsmetingen gedaan worden door diezelfde intermediair. Ook dat hoeft eigenlijk nog geen probleem te zijn. Waar verschijnt het probleem? Er wordt ook vastgelegd dat bij een afkeur (meestal na 14 dagen) een hermeting moet plaatsvinden, die dus ook door dezelfde intermediair wordt uitgevoerd. De kosten ervan worden in rekening gebracht bij de opdrachtnemer (lees: het schoonmaakbedrijf).

Dit is een perverse prikkel. Immers, een afkeur door die intermediair genereert significante omzet voor diezelfde intermediair. De kosten zijn overigens vaak exorbitant en buitenproportioneel hoog. Wetende dat een paar hermetingen het gehele maandsalaris van de inspecteur compenseren, geeft al aan dat hier een grote verleiding in schuilt. 

De essentie van het machtsprobleem
Welk schoonmaakbedrijf zal hiertegen ageren, wetende dat vanaf dat moment gunning van omzet in de toekomst door die intermediair ‘onwaarschijnlijk’ geworden is. “Never bite the hand that feeds you”, geldt hier in hoge mate. Deze machtspositie en perverse prikkel zijn mijns inziens, en gelukkig velen met mij, onacceptabel en zelfs griezelig te noemen. Ik heb inmiddels diverse voorbeelden waar dit onterecht afkeuren geleid heeft tot het opzeggen van de overeenkomst van de klant met de intermediair, omdat zelfs de klant niet met deze werkwijze kon leven.

Ook heb ik al voorbeelden waar inspecteurs op pad gestuurd worden met een afkeurtarget! Gelooft u maar dat de hermetingen een enorme bron van inkomsten is voor vele intermediairs en die omzet kunnen zij zelf vrijelijk bepalen. Hoe pervers kan een prikkel zijn als je metingen uitvoert?

De oplossing
Inmiddels 2 jaar geleden heb ik dit probleem uiteen mogen zetten voor een serieuze afvaardiging van de codecommissie en daarbij ook een oplossing aangedragen. De representatie van de intermediairs herkende zich natuurlijk niet in het probleem.

Door middel van een voorbeeld heb ik het verder geschetst. Ik ben namens de RAS examinator. Stel u eens voor (en het is niet zo!!!), dat ik bij uw schoonmaakbedrijf een groep kom examineren. U weet dat ik persoonlijk voor iedere gezakte kandidaat € 200,- ontvang van de RAS, en later weer herexamens ga doen dat mij weer geld oplevert. Zou u mij buiten iedere twijfel als objectief zien? Zou u er iets van zeggen als een aantal kandidaten gezakt is, wetende dat ik weer terugkom voor herexamens en volgende groepen examens, en bepaal of uw mensen slagen ja of nee? Of ik nu objectief ben of niet, die twijfel wordt per definitie wel gevoed door die voorwaarden, zeker als er collega’s zouden zijn die er misbruik van maken.

Dit is wat bij metingen door intermediairs letterlijk dus wel gebeurt. Dit is ontoelaatbare en tenenkrommende macht, danwel onmacht van het schoonmaakbedrijf. De oplossing die ik aangedragen heb, was in de basis simpel: intermediair A meet en geeft een afkeur (terecht of onterecht is niet relevant meer). Contractueel moet er een hermeting volgen, maar die doet niet intermediair A maar een controleur van een onafhankelijke organisatie. (Toen heb ik die oplossing aangedragen met Stichting LOSK, maar dat kan iedere onafhankelijke organisatie zijn). Tevens wordt die hermeting gedaan tegen kostprijs en niet tegen de huidig gehanteerde ‘ruime’ bedragen. Op deze wijze kan de intermediair nog steeds heel objectief meten en zorgen voor actie op kwaliteitsgebied, maar kan er nooit meer de discussie ontstaan over omzet genereren voor eigen portemonnee.

Dit was absoluut niet bespreekbaar en het probleem was ook niet aan de orde, reageerde vervolgens de intermediair zoals u begrijpt. Jammer maar helaas, het blijft zo pervers als het was en zo zijn we weer vertrokken. Enkele weken later werd ik gebeld door de heer Dingelstad, dat men binnen de codecommissie het probleem toch op de agenda ging zetten. Dat deed mij deugd zoals u wel begrijpt!

De uiteindelijke schijnoplossing
Enkele weken geleden vernam ik dat er een definitieve oplossing was gevonden en vormgegeven door de heren. De oplossing die zij nu overeengekomen zijn, is de volgende: Ieder schoonmaakbedrijf kan tegen vergoeding een inspecteur/controleur via VSR/SSK mee te laten lopen bij een eerstvolgende meting door een intermediair als men denkt dat er onterechte afkeur zou plaatsvinden of een andere dringende reden ervoor is. Wie kan mij vertellen wat dit oplost? Als schoonmaakbedrijf moet ik dus VSR/SSK vragen om tegen betaling mee te gaan lopen, waarmee ik feitelijk schriftelijk bevestig dat ik de intermediair niet vertrouw en hem beschuldig van feitelijke waarheidsvervalsing om omzet (hermetingen) te genereren. Nou, dat doet de relatie zeker heel veel goed?

Als ik dat als schoonmaakbedrijf wil zeggen, hoef ik daar geen betaalde VSR’er voor in te huren en kan ik het gewoon zeggen. Hoe dan ook, de relatie is evengoed permanent naar de haaien en een prettige verdere samenwerking of gunningen kan ik wel vergeten. Niets menselijks is ook intermediairs vreemd. Ofwel, helemaal geen oplossing, maar een schijnoplossing/non-oplossing. Geen enkel schoonmaakbedrijf zal en kan hiervan gebruik kunnen maken, omdat de machtspositie in stand blijft.

U begrijpt denk ik wel dat ik met stomheid geslagen was toen ik de ‘oplossing’ hoorde. Het is namelijk een schijnoplossing van de bovenste categorie. Ik kan het niet anders zien dan we doen iets om het probleem uit de aandacht te halen en we kunnen zeggen dat we het aangepakt hebben en daar blijft het bij. En dat duurt dan ook nog zo’n 2 jaar? Hoeveel jaar duurt het dan tot er een echte oplossing komt ?

Nog enkele feiten
Voor de compleetheid nog enkele feiten uit de erkenningsregeling van de VESA, Vereniging Erkende Schoonmaak Adviesbureaus, waarbij mijns inziens de praktijk indruist tegen de eigen regels.

10. Verdienmodel
Uit gedocumenteerde informatie blijkt onderbouwing van de aanneemsom zoals in te zetten uren x tarief, plus eventueel bijkomende kosten. De intermediair werkt voor slechts één opdrachtgever per project en verdient niet dubbel aan een overeenkomst. Het makelaarskantoor heeft geen belang bij het resultaat van de aanbesteding die hij begeleidt.

In de praktijk factureert men toch de kosten voor de hermeting aan het schoonmaakbedrijf. Wel een dubbele verdienste aan een overeenkomst en 2 opdrachtgevers.

15. Geen koppelverkoop
Het makelaarskantoor draagt zorg voor de aanwezigheid van de offerte. Zo zal bij samengestelde opdrachten waaruit blijkt dat een offerte/prijs is aangeboden die zodanig is dat elk van de opdrachten ook uitgevoerd kan worden als een ander deel van de opdracht niet gegund wordt. Werkzaamheden voor overige activiteiten zijn zodanig opgenomen in ‘Aanbestedingsdocumenten’ dat deze door opdrachtgever gegund kunnen worden aan derden. In een contract mag niet opgenomen zijn dat opdrachtgever en/of opdrachtnemer verplicht is om diensten af te nemen van de op dat moment gecontracteerde intermediair.

Ik zie geen mogelijkheid in de praktijk dat het schoonmaakbedrijf enige vorm van keuze heeft wie de metingen verzorgt, danwel de hermetingen verzorgt.

Ook hier geldt weer dat de goeden zich aangesproken zullen voelen op het gedrag van de slechten. Vervelend, maar het systeem is wel zo dat de kans, verleiding en macht ervoor is.

Ik mag toch werkelijk hopen dat hier op korte termijn iets aan gedaan wordt. Het kan toch niet meer zo zijn dat de machtsverhouding zodanig is dat perverse prikkels net uitgebannen kunnen worden vanwege de machtspositie die intermediairs hebben. Ik zou bijna willen oproepen tot een vreedzame volksopstand van de schoonmaakbedrijven en niet meer akkoord te gaan met de kosten voor een hermeting door dezelfde intermediair.

Geef in ieder geval uw (anonieme) mening in deze poll of het probleem aangepakt moet worden: https://poll.fbapp.io/dfcfzp

Zoals u begrijpt, laat ik het hier niet bij zitten en blijf ik actief met dit probleem bezig. Vooralsnog ga ik geen cases met genoemde man en paard gebruiken, dat is het laatste middel dat ik wil inzetten. Als het uiteindelijk nodig blijkt, is dat altijd nog een mogelijkheid.

Het zou mij steunen als u massaal aangeeft dat dit probleem inderdaad aangepakt moet worden. Ik steek hierbij ook de hand uit naar de intermediairs en de codecommissie. Ik ben ervan overtuigd dat het nog steeds mogelijk is om een goede en eenvoudige oplossing te creëren en de markt nog zuiverder te maken. Ik wil daar nog steeds een positieve bijdrage aan leveren en tijd en energie in stoppen. Dan moet er wel de wil zijn om het probleem te adresseren en op te lossen.

Ik zie de reactie van intermediairs en/of codecommissie graag tegemoet.

Gerard Spoor,
directeur Carling Opleiding en voorzitter stichting LOSK

Delen